In 1880 begon onze over-overgrootvader Jacob Prins met de oesterteelt en -handel aan de Havendijk in Yerseke. Dit deed hij met veel liefde en passie voor oesters. Die passie gaf hij, samen met zijn opgedane kennis en ervaring, door aan zijn kinderen. En zij weer aan hun kinderen. Nu, ruim 138 jaar en vijf generaties later, zit deze passie en liefde voor oesters nog steeds in onze genen. En dat proef je terug in onze oesters!

Oesters uit Yerseke

We begonnen in 1880 met het kweken van de koningin onder de oesters: de Zeeuwse platte oester. In de jaren ’80 breidden we de oesterkweek uit met de Zeeuwse Creuse. Om een mooie diversiteit aan oesters te kunnen kweken, beschikt Prins & Dingemanse over meerdere oesterpercelen in de belangrijkste Zeeuwse kweekgebieden. Gebieden die verschillen in bodemgesteldheid, stroming, diepte en voedsel in het water. De oesters passen zich continu aan hun leefgebied aan. Dit leefgebied heeft dus een belangrijke invloed op de smaak, structuur en het uiterlijk van de oester.

Kweek Zeeuwse platte oester

De Zeeuwse platte oester kweken we al sinds 1880. In die tijd was deze oester volop aanwezig in de Zeeuwse wateren. Strenge winters en de uitvoering van het Deltaplan zorgden er helaas voor dat de populatie van de Zeeuwse platte oester in de jaren daarna sterk afnam. Door nieuwe kweektechnieken kunnen we deze Zeeuwse platte oester tegenwoordig gelukkig weer volop leveren.

Oesters uit de Grevelingen

We kweken de Zeeuwse platte oester in de Grevelingen: het grootste zoutwatermeer van West-Europa. Het Grevelingenmeer is een uniek leefgebied voor oesters. Het rustige water is rijk aan hoogwaardige voeding. Dit zorgt voor de romige, zilte smaak van deze Zeeuwse oester.

Oesterpercelen

Bij het kweken van Zeeuwse platte oesters zijn kennis, ervaring en geduld enorm belangrijk. Wanneer oesterlarven toenemen in gewicht, zinken ze naar de bodem. Vanaf dat moment is het al belangrijk om goed voor de oesterlarven te zorgen. De bodem van onze oesterpercelen bestaat uit een laag mosselschelpen. Deze schelpen geven voldoende houvast om de oesterlarven in het eerste jaar te laten groeien. Ieder jaar verplaatsen we de platte oesters naar een ander perceel. Hierbij kijken we altijd naar de levensfase van de oester en de daarbij horende omgeving. Zo laten we de oester optimaal opgroeien.

Kweek Zeeuwse Creuse

Door onze jarenlange ervaring in het kweken van Zeeuwse oesters weten we precies wat de Zeeuwse Creuse nodig heeft. Wat weersinvloeden en veranderde waterstromingen doen met de grondslag van onze oesterpercelen en met de voedingsstoffen in het water. En wanneer we oesters kunnen vissen of ze juist nog wat rust moeten geven.

Oesters uit de Oosterschelde en de Grevelingen

Onze Zeeuwse Creuses kweken we in de Oosterschelde en het Grevelingenmeer. Deze beschutte omgeving zorgt voor een perfecte leefomgeving voor deze oester. De temperatuur van het water, het zoutgehalte en de bodemkwaliteit zijn ideaal om kwaliteitsoesters te kweken. Net als bij het kweken van Zeeuwse platte oesters, hebben ook de oesterlarven van de Zeeuwse Creuse voldoende houvast nodig. Die geven we door lege mosselschelpen op de bodem van onze percelen te leggen. Door dit op het juiste moment te doen, zorgt dit samen met een goede watertemperatuur en voldoende algen voor een mooi oesterseizoen.

Kweek Connaisseur oesters

Naast onze ‘gewone’ oesterpercelen hebben we ook percelen voor de meest verfijnde oesters: de Connaisseur oesters. Wanneer deze Creuses bijna klaar zijn voor consumptie, geven we ze nét nog een extraatje mee. We verplaatsen de Connaisseur oesters naar onze toppercelen in de Oosterschelde en het Grevelingenmeer. Door de stroming en weersomstandigheden verschilt deze ligging per seizoen. Door af te sluiten op de allerbeste percelen groeit de Connaisseur oester uit tot een Creuse voor de echte fijnproever.

Off-bottom kweekmethode

Sinds 2017 kweekt Prins & Dingemanse de Tabl’Eau de Zélande oester. In tegenstelling tot andere Zeeuwse oesters kweken we de Tabl’Eau de Zélande oester niet op de zeebodem, maar op zogenaamde ‘tafels’. Door de off-bottom kweekmethode krijgen deze oesters een natuurlijke schoning. We bootsen de golfslag van de zee na, waardoor de oesters continu in beweging zijn. Hierdoor ‘schuren’ ze elkaar als het ware schoon. Deze manier van kweken geeft de oesterschelp een diepe, holle vorm. Het resultaat: een mooie, extra volle oester met een bijzondere smaak!